800.000. Dit is het aantal voorkeurstemmen dat Yves Leterme bijna anderhalf jaar geleden bij elkaar sprokkelt. Dit toch tot de verbeelding sprekende aantal geeft de man het morele mandaat een oranje-blauwe regering te vormen. Al snel blijkt dat populariteit bij het proletariaat geen garantie is voor politieke bekwaamheid, ondanks een stage in Vlaanderen. Van mei 2007 tot juli 2008 schiet ons aller Yves, en samen met hem zowat alle politieke kopstukken in ons land, de ene bok na de andere . Zelfs een nepontslag van zijn in der haast gevormde regering, met dank aan voorganger Guy Verhofstadt, brengt geen soelaas.
Vice-premier, Didier Reynders, nooit echt een vriend van Yves, blijft roet in het eten strooien. Elk akkoordje of overeenkomst, hoe miniem en onbenullig ook, wordt door Didier 's anderendaags vakkundig in 'De Ochtend' op Radio één gekelderd. Niemand die een eurocent geeft om de relatie tussen Yves en Didier. Drie Koninklijke bemiddelaars moeten de 'hete' zomer overbruggen. Als ook dat blijkt te mislukken tovert Marianne Thyssen, kersvers voorzitter van de CD&V, een wit konijn uit haar hoed. Kris Peeters, minister-president van de Vlaamse regering, bij gratie van Yves Leterme himself, treedt op het voorplan met zijn dialoog van gemeenschap tot gemeenschap. Deze wordt gretig door de bemiddelaars overgenomen. Wat iedereen al maanden ziet aankomen gebeurt uiteindelijk: het 'Vlaams Kartel' valt uit elkaar. Iedereen zit met de handen in het haar als gepalaverd wordt over wie er mee mag dialogeren, waarover en op welke kleur briefpapier er zal geschreven worden.
Als bij donderslag komt daar opeens redding uit onverwachte hoek: de financiële wereld is in crisis! Ook België, niet Vlaanderen, Wallonië of Brussel, maar het federeale België, ontkomt er niet aan. Yves en Didier, als zijn het oude scoutskameraden, hokken weekends en nachten samen, onderhandelen met Sarkozy en Balkenende, en redden met miljarden euro's die voor de gewone mens niet bestaan, twee van de financiëel meest gezonde banken van de ondergang. Hiervoor wordt zelfs de nog niet zo lang geleden verguisde Jean-Luc Dehaene van stal gehaald.
In de nood leert men zijn vrienden kennen! In sommige spreekwoorden zit blijkbaar toch een hoop waarheid. Een regering die er geen is, met ministers die vleugellam zijn en een coalitie waarvan geen van de partners een andere vertrouwt, slaagt erin, of doet minstens goede pogingen, om het hoofd te bieden aan een mondiale financiële crisis zonder weerga. De eensgezindheid is bijna vertederend.
Dit alles leert ons eigenlijk maar één ding: politiek is te belangrijk om aan politici over te laten. Maandenlang communautair gezwets wordt door toedoen van politici uitzichtloos. Een financiëel-economisch probleem wordt daadkrachtig aangepakt door cententeller Yves en financiëel expert Didier.
Daarom pleit ik voor het einde van ons politiek systeem. Laat de belangrijke zaken zoals economie, sociale zaken, milieu, arbeid, onderwijs, transport, ... over aan specialisten die geen rechtstreekse verantwoording moeten afleggen aan hun electoraat. Natuurlijk krijgen die specialisten geen carte blanche. Ze moeten gecontroleerd worden door een democratisch verkozen parlement. Dat parlement hoeft ook geen meerderheid of coalities te vormen. Geen regering of ministers meer! Die bakken er toch niks van en zijn vooral bezig met het veiligstellen van hun eigen mandaat. Beslissingen nemen, knopen doorhakken, iets wat een echt beleid kenmerkt, is hierdoor onmogelijk. Onafhankelijke specialisten kunnen dit wel.
Yves en Didier hebben het bewezen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten