Lijstjes.
Het is er wellicht de tijd van het jaar voor. We maken allemaal ‘lijsjes’: boodschappenlijstjes, verlanglijstjes, kerstkaartlijstjes, rekeningenlijstjes, van-alles-wat-lijstjes. Wat ze allemaal gemeen hebben is dat ze handig zijn en voor iedereen duidelijk. Ze hoeven geen commentaar.
Dat is wel even anders met de lijstjes die met de regelmaat van de klok opduiken (het hoeft er geen kerst of nieuwjaar voor te zijn) in nieuwsbulletins, kranten en newsfeeds allerhande. Die lijstjes, of rankings zoals dat tegenwoordig heet, zijn verdacht en misleidend. Eerst en vooral worden ze ons voorgeschoteld door persgieren die in naam van het algemeen belang een voorkeuze maken. Wegfilteren, zeg maar. Steevast worden ons lijstjes gepresenteerd waarin België of Vlaanderen achteraan bungelen of juist bovenaan staan, afhankelijk van hoe ze gesorteerd zijn. Fraai is dat meestal niet.
We zijn het land met de op één na grootste belastingdruk, het meeste fijn stof, het minst hoog opgeleiden, hoogste CO2-uitstoot, laagste budget voor ontwikkelingshulp, langste regeringsvorming, slechtste snelwegen, minste fietspaden, … (Dit wordt op zichzelf al een lijstje). Valt het op dat we niet altijd optimaal scoren? Deze overzichtjes worden ongenuanceerd op de goegemeente losgelaten waar ze een eigen leven gaan leiden en hapklare brokken vormen voor wie ze in het eigen voordeel wil misbruiken. Een schuchtere poging van een inderhaast opgetrommelde professor om één en ander te duiden vermag hier weinig of niets. Die repliek zijn meestal woorden in de wind. Niet in het minst omdat de professor na zeven woorden de mond gesnoerd wordt en zijn discours ziet samengevat als “wat ik onthoud is dat er nog veel werk aan de winkel is”.
Er moeten toch ook andere lijstjes bestaan, niet? Lijstjes waar wij wel goed uit komen, waar we wel fier op mogen zijn. Alleen, je krijgt ze nauwelijks voorgeschoteld, alsof ze blijven steken in het fijnmazig net van de vierde macht. Ja, ik herinner me zo’n lijstje! We zijn de beste voor wiskunde in de middelbare school! Toch prachtig nieuws? Of niet, dan? Blijkbaar niet. Jammer. De woorden zijn nog niet koud of er wordt fijntjes op gewezen dat de wiskundekennis toch achteruit gaat. Bam! Slag in het gezicht. Dat is typisch Vlaams, zo blijkt. Onze sportvedetten worden ook meestal de hemel ingeprezen om dan als loslopend wild te worden afgeschoten bij de eerste tegenvallende prestatie. Zelfs al is die tegenvallende prestatie een tweede plaats.
Het wordt tijd voor een informatiebocht. Onze politici blinken al uit in het betere bochtenwerk, nu de journalisten nog. Met deze pleit ik voor meer P-nieuws! Een groot deel van de lezers/luisteraars zie ik nu al instemmend knikken, zich de cover van de één of andere P-Magazine voor de geest halend.
Alhoewel P-magazine ook veel moois voorstelt bedoel ik met P-nieuws iets anders: de “P” staat voor positief!
Er mag wat mij betreft wat meer positiefs in de berichtgeving komen, en dan geen positief nieuws zoals over die twee schattige panda’s die onmiddellijk communautair verscheurd worden door wilde pershonden. Het moeten ook niet altijd pasgeboren Kai Mooks zijn die als excuustruus opgevoerd worden om de zwarte lijstjes van de dag op te fleuren. Nee, er moet toch écht wel ergens goed nieuw te rapen zijn in de wereld. Is er niet ergens een dorp in Afrika dat er economisch en sociaal op vooruit gaat op basis van duurzame landbouw, gesubsidieerd door Europese fondsen? Is er echt geen regio waar de 20/20 doelstellingen, zo hoogdravend geformuleerd door de G8-leiders bij het begin van deze eeuw, gehaald worden (zonder statistische spitstechnologie)? Is de waterkwaliteit van de Ganges in India er écht nergens op verbeterd? En ergens moet er toch een land zijn dat minder uitgeeft aan defensie dan aan ontwikkelingshulp?
John Crombez heeft alvast een voorzet gegeven: fraudebestrijding als oplossing voor de crisis. Een rood licht aan het eind van de tunnel. Dat zou pas P-nieuws zijn.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten